Uw verhaal
Ik ben een gelukskind
Thea HogewoningJa, dat klinkt misschien een beetje vreemd uit de mond van iemand die aan longkanker is geopereerd. Maar toch ervaar ik het zo.
Ik was nog geen 40 jaar toen bij mij in het jaar 1981 zeer onverwachts een longtumor werd geconstateerd. In één enkele seconde veranderde ik van een levenslustige jonge vrouw in een angstig voor haar leven vrezend mens.
Binnen een mum van tijd lag ik in het ziekenhuis en daar bleek mijn tumor van een snelgroeiende soort te zijn. Haast was dus geboden en zelfs de voorbereidende onderzoeken (waarbij ik een bijna-doodervaring heb gehad en ben uitgetreden uit mijn lichaam) werden vroegtijdig afgebroken om een operatie te kunnen bespoedigen.
Men hoopte dat er enkel een topje van mijn linkerlong afgehaald hoefde te worden (wat het geval zou zijn wanneer het om een goedaardige tumor zou gaan), maar helaas tijdens de operatie bleek dat een hele longkwab verwijderd moest worden. Extra werk dus voor de heren doktoren.
Met een jaap van voor naar achter, een aantal gebroken ribben en een longkwab minder ontwaakte ik terwijl mijn bed onder de klok door richting recovery gereden werd. Meteen drong tot me door dat de operatie langer geduurd had dan verwacht en ik begreep de consequentie daarvan. Mijn tumor was een kwaadaardig kankergezwel! Ik viel echter weer meteen in slaap en maakte me nog nergens zorgen over.
Twee dagen en nachten bleef ik op de intensive care en daarna mocht ik terug naar de zaal. Nu kon de terugkeer naar het gewone leven beginnen, met blaasoefeningen en andere therapie.
Doch dat viel tegen!
Net als voor de operatie al, kreeg ik alweer een klaplong en mijn bewegingvrijheid werd daardoor beperkt omdat ik aan een machine kwam te liggen, die de lucht vanuit de borstkas wegzoog om zo de long de gelegenheid te geven om zich te ontplooien.
Meer dan een week lag ik al aan die machine zonder het gewenste resultaat. Het zou plakken geblazen worden met mijn eigen bloed om te voorkomen dat ik opnieuw een operatie zou moeten ondergaan. Mijn afgetapte bloed, zo’n 50 cc, werd rechtstreeks in de long gespoten, ik werd heen en weer geschuffeld en toen moest ik 24 uur doodstil liggen. De truc lukte en mijn long herstelde zich langzaam maar zeker.
Na een verblijf van bijna zeven weken mocht ik het ziekenhuis verlaten en eindelijk zag ik dan toch nog huis en haard weer terug. Het kostte nog maanden van dagelijkse zwemoefeningen en ontzettend veel energie en inspanning voor ik het gewone ritme weer op kon pakken, maar … mijn tweede leven was begonnen. En heus voor mij begon dat bij veertig, want tijdens mijn in het ziekenhuis gevierde verjaardag was de ommekeer begonnen.
Ik had mijn kanker overwonnen! In plaats van de drie maanden, die mij nog gegeven waren zonder operatie, lag er een nieuw leven voor mij en het lachte me weer toe.
Zo’n tien jaar later kreeg mijn man borstkanker, maar gesterkt door mijn goede resultaten kwamen we ook die strijd heelhuids door en toen bij hem vijf jaar daarna opnieuw een kwaadaardige tumor ontdekt werd, nu in de darm, sloegen we ons er wederom doorheen.
En nu in 2008 (intussen bijna 27 jaar na mijn longoperatie) leven we beide nog steeds. Met onze beperkingen vanzelfsprekend, maar met een aangepaste levensstijl proberen we nog altijd te genieten van de dagen die we krijgen.
Dit is het verhaal van
Thea Hogewoning
